|
|
ECO-DESIGN, Natuurlijk anders
|
|
|
Email ECO DESIGN |
Het ecologische aspect Kleding kun je maken uit de meest uiteenlopende stoffen/materialen. Door de eeuwen heen hebben we veel diversiteit daarin weten te ontwikkelen; met name in de synthetische stoffenontwikkeling lijken de mogelijkheden op het gebied van esthetiek en draagcomfort oneindig. Toch komen veel mensen er een beetje op terug. Veel van deze “nieuwe”stoffen blijken toch niet zo lekker te dragen; veroorzaken overmatige transpiratie, allergieën en worden vaak geproduceerd met veel energiegebruik en schadelijke afvalstoffen. Gelukkig houdt men zich de laatste jaren wel bezig met milieuvriendelijk produceren; er zijn al synthetische stoffen met een eco-keurmerk. Maar ook bij kleding van natuurlijke materialen, wil het niet automatisch zeggen, dat het ook milieuvriendelijke materialen zijn. De traditionele katoenteelt bijvoorbeeld is enorm milieubelastend: Om de 4 dagen wordt er gespoten met chemicaliën tegen schadelijke insecten. Voor het oogsten wordt er gespoten om de katoenbollen gemakkelijker te plukken. Na de oogst worden er chemische meststoffen gestrooid om de uitgeputte grond weer klaar te maken voor de volgende teelt. Vervolgens wordt het katoen met schadelijke stoffen gebleekt en gekleurd en tenslotte komt er nog een chemische fixeerlaag om de stof langer mooi te houden. Het gevolg van al dit chemicaliëngebruik is, dat het natuurlijk evenwicht totaal verstoord is. Maar…..het kan ook anders! Vooral in Duitsland en Scandinavië produceert men veel kleding van stoffen, die door gecontroleerde biologische (dier)teelt zijn verkregen. Katoen-,hennep-, vlasplantages en schapenhouderijen in bijvoorbeeld Turkije en Zuid-Amerika worden door hen ondersteund en gecontroleerd op hun milieuvriendelijke werkwijze. Het zijn veelal nog kleinschalige projecten, waar men geen gebruik maakt van pesticiden, herbiciden en kunstmesten. Schadelijke insecten worden bestreden met andere (voor katoen onschadelijke) insecten, zoals de gaasvlieger en het lieveheersbeestje. Ook het kiezen van een geschikt zaaimoment voorkomt insectenplagen. Indien men de insectenpopulatie niet op een redelijk peil kan houden, sproeit men met bijvoorbeeld een aftreksel van plaatselijk voorkomende planten en kruiden. Daarnaast past men wisselbouw toe: op de katoenvelden worden regelmatig granen en peulvruchten verbouwd om verschraling van de grond te voorkomen. Boeren krijgen voor hun product goed betaald of participeren in het hele project zodat het voor hen niet alleen uit gezondheidsoverwegingen goed is zo te werken, maar ook uit economisch oogpunt. Van ruwe katoen tot T-shirt In tegenstelling tot in de conventionele textielsector worden voor het milieu zwaarbelastende handelingen als bleken, verven en fixeren van de stoffen zoveel mogelijk met plantaardige stoffen gedaan. Katoen van biologische teelt wordt bijvoorbeeld gebleekt met waterstofperoxide in plaats van chloor. Voor het kleuren gebruikt men waar mogelijk plantaardige verfstoffen en om stoffen krimpvrij te maken worden ze niet behandeld met synthetische kunstharsen, maar mechanisch voorgekrompen. Al met al een wat meer bewerkelijke productiewijze, die met zich meebrengt, dat de kostprijs hoger ligt. Duurzame landbouw kost immers meer; Menigeen zal door de prijzen worden afgeschrikt, maar men kan de keuze maken: minder, maar met respect voor je leefomgeving Bron: Stof en Aarde, België.
|